Op Slot

Aan de hand van een speurtocht vinden de leerlingen van groep 3 en 4 van OBS Kompas hun weg door de Bibliotheek.


Bij binnenkomst wachten de kinderen nog rustig af en volgen ze hun juf en Ellen, de medewerkster van de bibliotheek, naar de kinderafdeling. Ze zoeken snel een plekje op de kleine, met rood fluweel bekleedde, tribune. Omringd door boeken en vlaggetjes van de kinderboekenweek kijken de kinderen verwachtingsvol om zich heen.

“Waarom hangen er eigenlijk slingers?” is de eerste vraag. Daar wordt al snel antwoord op gegeven: “dat is voor de kinderboekenweek, die gaat over: reis je mee”. De kinderboekenweek is het feest van alle kinderboeken legt Ellen uit. Daarna volgen nog veel praktische vragen over hoe je boeken kunt lenen, hoe lang je ze dan mag houden, waar je de leesboeken voor groep 3 en 4 kunt vinden. Voor veel kinderen een hoop nieuwe informatie.

Ondertussen ligt er al de hele tijd een stapel boeken voor hun neus met een slot er omheen. “Dit is toch wel een beetje gek.” vertelt Ellen. “Ik had gisteravond allemaal boeken klaar gelegd voor vandaag en nu zit er een groot slot omheen en de sleutel is weg? Maar...toen ik de krant uit de brievenbus ging pakken vond ik ook een brief en volgens mij is die voor jullie, want er staat op voor groep 3 en 4 van OBS Kompas. De brief komt van de boeienkoning en Ellen leest hem voor. Hierin wordt duidelijk dat hij de sleutel van het slot ergens in de bibliotheek verstopt heeft. De boeienkoning heeft wel een grapje uitgehaald, maar is zo slecht nog niet, hij geeft de kinderen tips. Ze moeten op zoek gaan naar verschillende kaarten en bij de laatste kaart zullen ze de sleutel terug vinden. Aan de hand van deze speurtocht ontdekken de kinderen alle hoeken van de bibliotheek: van de leesboekjes tot aan de w.c., waar uiteindelijk de sleutelbos gevonden wordt.

Nu kan de stapel boeken worden opengemaakt. Een meisje uit de groep mag kijken of de juiste sleutel erbij zit. En al bij de eerste sleutel is het raak en kan het slot worden geopend en de stapel boeken worden uitgepakt. Hierin zitten verschillende soorten materialen die de kinderen kunnen lenen: een stripboek, tijdschrift, dvd, luisterboek, prentenboek, leesboek, mini loco, piccolo, zoekboek en een informatief boek. Zo wordt al snel duidelijk dat je niet alleen voor een leesboek bij de bibliotheek terecht kunt.

Aan het einde van deze rondleiding worden de kinderen nog voorgelezen uit het boek: “Ik wil een paard” van Milja Praagman. Het boek sluit aan bij het thema van de kinderboekenweek. Het gaat over een meisje dat voor het eerst op de fiets naar school mag, maar dat wil ze helemaal niet, ze wil met een paard naar school. Om dat voor elkaar te krijgen probeert ze haar fiets te ruilen. De fiets wordt een brommer, de brommer een auto, de auto een zeilboot en de zeilboot een helikopter, maar wordt het ook nog een paard?
​​​​​​​De kinderen luisteren aandachtig naar het verhaal, want wat is het toch heerlijk om voorgelezen te worden.

Nu de kinderen zelf goed hun weg weten te vinden tussen al die boeken mogen ze zelf op onderzoek uit en ieder twee boeken uitkiezen die ze mee naar school willen nemen. Sommigen hebben hun keuze zo gemaakt. Zij zoeken een plekje om meteen in het boek te bladeren en aan elkaar te laten zien wat ze hebben uitgekozen. Andere kinderen nemen de tijd om even rond te neuzen. Wat opvalt is dat veel kinderen uiteindelijk kiezen voor een boek dat gaat over dieren.

Maar wat is er nou eigenlijk zo leuk aan lezen. Een meisje uit groep 3 antwoordt dat ze heel graag de letters wil leren en daarom graag leest. Het enthousiasme voor lezen is aangewakkerd en nu de kinderen hun weg weten te vinden in de bibliotheek is het eigenlijk heel leuk om vaker langs te komen, zo geeft juf Sanne aan. Ze wil proberen om iedere zes weken even met de groep naar de bibliotheek te wandelen om boeken te komen lenen. Zo wordt lezen echt een feestje en is een bezoek aan de bibliotheek eigenlijk iedere keer weer een speurtocht naar het allermooiste boek en dat is voor iedereen weer een ander boek.