Dans, donkerte en diepgang

“Moet je je voorstellen dat je huis niet meer voelt als je eigen huis. Het ziet er nog hetzelfde uit, maar het voelt heel anders.”


In ‘Mijn Huis’, een danstheatervoorstelling, volgen we het levensverhaal van Ramez Kamel, een vluchteling uit Syrië. Wat begint als een rustig ‘niks-aan-de-hand-verhaal’, blijkt een heftig en waargebeurd levensverhaal waarbij de kinderen soms op het puntje van hun stoel zitten. “Het mag niet te gruwelijk zijn, maar je moet deze verhalen wél vertellen.”

Op deze maandagochtend lopen de leerlingen van basisscholen De Uilenbrink uit Veghel en De Kring uit Schijndel behoedzaam Spectrum Schijndel binnen. “Ssssttt, nu moeten we rustig zijn”, zegt een jongen. Ze mogen meteen doorlopen naar de podiumzaal, waar op het toneel alleen een tent staat. Zo minimalistisch als het decor is, zo diepgaand is de voorstelling. In drie kwartier worden de kinderen ondergedompeld in dans, theater, muziek en (foto- en video)beelden, waarbij ze een pittig verhaal voorgeschoteld krijgen. Interactief en impactvol.

Zwaaien, joelen en klappen
“Goeiemorgen, mijn naam is Ramez”, begint de danser die zojuist uit zijn tentje gekropen is. “En hoe heten jullie?” Ramez vertelt over zijn land van herkomst: “Weten jullie waar Syrië ligt?” en “Syrië is een land waar de zon altijd schijnt.” Als hij vertelt over de zomers die hij doorbracht bij zijn oma, mogen twee kinderen bij hem op kussens voor zijn tentje komen zitten. Hij vertelt dat er gezongen en gedanst werd in zijn thuisland, en terwijl hij danst op Syrische muziek, nodigt hij de leerlingen uit om mee te dansen. Ze gaan staan en doen enthousiast mee. Ze lachen om zijn gekke bewegingen, zwaaien terug als hij zwaait en joelen en klappen bij knappe dansmoves.

“Ik voelde me echt gelukkig als kind. Ik voelde me thuis. Wat is thuis voor jou?”

Danser die de rol van Ramez Kamel vertolkt

“Ik voelde me echt gelukkig als kind. Ik voelde me thuis. Wat is thuis voor jou?” vraagt Ramez. De kinderen komen met prachtige antwoorden: “De plek waar je je veilig voelt.” “Mijn familie.” “Mijn huis, waar ik woon.” “De plek waar ik het vaakst ben.” “Als ik aan thuis denk, denk ik aan liefde”, besluit Ramez. Vanaf dit punt wordt de voorstelling grimmiger. Het verhaal van Ramez, radiofragmenten en foto’s en video’s (die op het tentje geprojecteerd worden), maken duidelijk wat er gebeurt: er is oorlog en Ramez is in gevaar. De dans die hij uitvoert wordt angstiger en verbeeldt de neiging om te vluchten. Sommige kinderen leunen voorover, hun ogen opengesperd. “Syrië is eng!” fluistert een jongen die zijn handen voor zijn mond heeft geslagen.

Talen die niet in je mond passen
Het geluid van vallende bommen, Ramez die hoort dat familieleden dood zijn… De indrukwekkende gebeurtenissen volgen elkaar in hoog tempo op. Ramez danst wanhopig en boos en besluit uiteindelijk te vluchten: “Mijn huis was niet meer veilig. Het was genoeg.” Hij vertelt zijn vluchtverhaal, het verhaal van zijn aankomst in Nederland, het weerzien met zijn vrouw en zoontje (“Daar zijn ze! Waarom rent hij niet naar me toe?”) en de moeilijkheden bij het integreren in Nederland. “Er zijn talen die niet goed in mijn mond passen. Jullie hebben moeilijke klanken.” De kinderen helpen hem vervolgens om die klanken uit te spreken: ‘keuken’ bijvoorbeeld, of ‘huilen’.

De voorstelling nadert zijn einde. “Ik denk dat jullie hier in Nederland te weinig dansen”, zegt Ramez. “Ik ga jullie een Syrische dans leren!” De kinderen staan op en volgen enthousiast zijn bewegingen. “Jaaaa, wat goed!” Vervolgens luisteren ze geboeid naar Ramez’ conclusie: “Mijn huis bestaat niet meer. Ik ben hier, al zes jaar lang. Hier in Nederland schijnt de zon niet altijd. Ik eet geen Syrische snoepjes meer, maar wel stroopwafels. Ik eet minder falafel, maar wel héél soms zuurkool. Hier kan ik zijn wie ik ben. Ik heb een Nederlands paspoort. En ik heb me nog nooit ergens zo thuis gevoeld.”

De echte Ramez
Na dit betoog worden ook beelden getoond van de echte Ramez Kamel, die zelf zijn verhaal vertelt. Hij blijkt zich met zijn levensverhaal tot het Haagse dansgezelschap Lonneke van Leth te hebben gewend, om te vragen of zij dit wilden verbeelden. Deze voorstelling is het resultaat, en het zien van de echte Ramez maakt het verhaal compleet. “Maar wie ben jij dan?” roepen de kinderen.

In het nagesprek zoekt Ramez samen met de kinderen de verdieping: “Wat is een vluchteling?” “Als het oorlog is, dan moet je vluchten.” “Ja,” zegt Ramez. “Maar dat kan ook voor iets anders…” “Ja, een aardbeving!” “Of een vulkaan!” “Of als je heel arm bent!” “Ja precies”, zegt Ramez. “En stel je voor, je bent een jongen van 10 jaar en je komt uit Syrië… hoe denk je dan dat zo’n jongen zich voelt?” “Hij moet bijkomen, hij komt net uit de oorlog!” “Hij moet nog wennen!” “Hij zal wel bang zijn!” “En hoe zou je hem dan kunnen helpen?” vraagt Ramez. “Dat zouden we juist aan hém moeten vragen!” reageert een meisje. “Dat we zeggen: hoe kunnen we jou helpen?” “Mooi!” zegt Ramez.

Ander beeld ontwikkelen
“Dit was een mooie voorstelling!” reageert Aike Adam, de leerkracht van groep 5-6 van De Kring na afloop. “Interactief, met humor, het sloeg echt aan. Je zag dat sommigen het enorm indrukwekkend vonden. Ik vind het ook heel goed dat hier aandacht aan wordt besteed. Kinderen horen zoveel over oorlogen en vluchtelingen nu. Het is echt een hot topic; ze krijgen er veel van mee en er zijn enorm veel meningen. Het is goed dat dit er is; zo ontwikkelen ze ook een ander beeld, vanuit het persoonlijke levensverhaal van deze man. Het nagesprek was sterk. En tijdens de voorstelling zag je sommigen echt op het puntje van hun stoel zitten. Deze groep vindt dit ook heel interessant, dat zag ik al in de voorbereidende lessen. Iedereen reageert bovendien anders, dat vind ik ook heel mooi. Dat ze zien: van één verhaal zijn meerdere kanten. Echt enorm waardevol; ik ben hier heel blij mee!”

“Iedereen reageert anders, dat vind ik heel mooi. Dat ze zien: van één verhaal zijn meerdere kanten. Enorm waardevol!”

Aike Adam, leerkracht groep 5-6 basisschool De Kring

Op de vraag wat ze het meest indrukwekkend vonden, zijn de reacties verschillend. “Die bommen!” roept een jongen uit de groep van Aike. “Dat die man een soort handstand maakte”, vindt zijn vriendje uit dezelfde klas. “Ik vond het dansen het leukst!” roept een meisje.

Heerlijk filosoferen
Tijdens het nabespreken in de klas vroeg een leerkracht van de Sterjasmijn wat de leerlingen van de voorstelling vonden. Eén leerling gaf aan het moeilijk te vinden er een passend woord voor te vinden. 'Leuk' was volgens hem niet het goede woord, want het verhaal was niet leuk. De klas dacht er samen over na. Samen kwamen ze tot de conclusie dat indrukwekkend en interessant de meest passende woorden waren.

"Samen kwamen ze tot de conclusie dat 'indrukwekkend' en 'interessant' de meest passende woorden waren".

Leerkracht van groep 5 van basisschool de Sterjasmijn over de nabespreking in de klas.  

“Wij bieden nooit ‘dans om de dans’, maar willen altijd impact maken met maatschappelijke thema’s”, vertelt Riccardo Sbrighi, de van oorsprong Italiaanse danser die het levensverhaal van Ramez verbeeldt. Met zijn donkere uiterlijk en oprechte accent zet hij een bijzonder overtuigende vertolking van de echte Ramez Kamel neer. “We willen bewustzijn creëren en kinderen aan het denken zetten. Kinderen zijn ook echt wel bezig met de oorlogen die gaande zijn in de wereld. Het mag niet te gruwelijk zijn, maar je moet deze verhalen wél vertellen.”

Later vertelt de moeder van één van de aanwezige leerlingen dat haar zoontje van 10 er ’s avonds aan tafel spontaan over begon: “Wat is voor jullie thuis? Daar ging een voorstelling over die wij vandaag hebben gezien. Ik vind dat een plek waar je familie is en waar je jezelf mag zijn.” “Ik vind dat een plek waar je veilig bent”, zegt zijn oudere broer. “Wat als je net als die meneer moet vluchten, omdat het gevaarlijk is…? Dan is je familie de enige plek waar je je nog thuis kunt voelen”, vervolgt zijn jongere broertje zijn verhaal. “En vervolgens volgde er een mooie discussie aan tafel over het verschil tussen je ergens thuis vóélen en de plek die je ‘thuis’ noemt”, vertelt hun moeder. “Ze zaten heerlijk te filosoferen samen. Hoe mooi is dat?”

Tekst: Dinges Tekst & Tekstadvies