Programma voor het PO: Vrijheid, vragen en verhalen
“Mijn opa ging naar het Oosten, zijn dood tegemoet. Deze koffer kwam terug, vol verhalen om door te vertellen. Die verhalen vertel ik vandaag aan jullie. Verhalen over de oorlog en wat wij ervan kunnen leren. Ik ben na de oorlog geboren, dus ik heb het van horen zeggen.” Aan het woord is Verhalenverteller René Hildesheim, die vandaag een voorstelling verzorgt voor twee bovenbouwgroepen van basisschool De Ieme in Veghel. De voorstelling, die ‘Van Horen Zeggen’ heet, is onderdeel van het omvangrijke programma voor basisschoolleerlingen in Meierijstad in het kader van 80 jaar vrijheid.
Naast ‘Van Horen Zeggen’ waren er nog tal van andere activiteiten. Zoals een ‘Vrijheidscollege’, een bezoek aan Museum Jan Heestershuis in Schijndel en nog veel, veel meer. In ‘Van Horen Zeggen’ neemt René de leerlingen mee in de verhalen van mensen uit Veghel die met de oorlog te maken hebben. Het verhaal van Hanneke, een joods meisje dat ondergedoken zat in Eerde. Het verhaal van Paula, die het verzet oprichtte in Veghel en daarmee 50 mensen hielp om te overleven. Het verhaal over de drie joodse zusjes Van der Sluis uit Veghel die zijn vermoord in Auschwitz. En nog veel meer. Aan de soms doodse stiltes die vallen in de ruimte, merk je dat de verhalen letterlijk en figuurlijk dichtbij komen. “Als ik naar mijn opa en oma rijd, moet ik ook over de brug naar Keldonk,” vertelt een jongen naar aanleiding van een verhaal van René. René: “Heb je ooit gezien dat daar nog kogelgaten zitten in de muur?”
Kleine Emma
“De persoonlijke verhalen maken het krachtig”, zegt René na afloop van de voorstelling. “102.000 vermoorde Nederlandse joden zegt deze kinderen niks, maar kleine Emma van drie jaar uit Veghel, dát gaat leven voor ze. Dan gebeurt er iets.” Waar ook iets gebeurt, is bij het Vrijheidscollege, waar deze ochtend (onder andere) leerlingen van groep 7 van basisschool Eerschot uit Sint-Oedenrode aanwezig zijn. Oud-profvoetballer Evgeniy Levchenko vertelt over zijn land van herkomst Oekraïne, over zijn jeugd en wat vrijheid voor hem betekent. “Wat vinden júllie? Wat is vrijheid?” vraagt hij al vroeg in het college. Er wordt een catchbox gegooid: een rubberen kubus met een microfoon erin. “Dat je zelf mag kiezen wat je doet,” zegt een jongen. “Zaterdag en zondag!” “Dat iedereen mag zijn wie hij of zij wil zijn.” Levchenko: “Helaas is dat niet voor iedereen op deze aarde zo.”
“102.000 vermoorde Nederlandse joden zegt deze kinderen niks, maar kleine Emma van drie jaar uit Veghel, dát gaat leven voor ze.”
Dikke knuffel
Het levensverhaal van Evgeniy Levchenko en de manier waarop hij de leerlingen er steeds actief bij betrekt, maken zichtbaar indruk. “Zitten bij jullie op school ook kinderen uit Oekraïne?” “Ja!” “Probeer ze maar een knuffel te geven. Want die kinderen hebben heel veel meegemaakt.” “Ik had Oekraïense mensen in huis,” vertelt een meisje. “Oh, wat goed! Ik ben heel dankbaar dat jouw ouders dat hebben gedaan, dank je wel.” De leerlingen zitten bovendien vol vragen: “Waarom zou je stemmen als je maar op één iemand mag stemmen?” “Kunnen kinderen die tegen Poetin demonstreren ook in de gevangenis komen?” “Is je tante gewond geraakt van die granaat?”
Na afloop is er vooral heel veel enthousiasme: “Wat ik hiervan ga onthouden? Alles! Dit was zó interessant!” zegt een jongen. En een andere jongen roept: “Kijk dan, ik heb een handtekening op mijn schoen! Nu ga ik nóóit meer voetballen, mijn schoen is nu veel te veel waard!” Ook hun leerkracht is enthousiast: “Ik vond het geweldig! Super-interessant. Het is heel mooi dat zijn verhalen en de beelden die hij schetste zo levendig zijn voor kinderen. Ik hoop dat ze na zijn verhaal beseffen hoe goed wij het hier hebben en dat ze begrip krijgen voor vluchtelingen in Nederland.” “Iedereen zou een fijn leven moeten hebben”, zegt een leerling na afloop. “Ook als je hier komt vanuit een ander land. Mijn eigen leven is dan toch wel makkelijk, daar kijk ik nu wel een beetje anders naar.”
Allemaal anders
Ook in Museum Jan Heestershuis in Schijndel werd aandacht besteed aan 80 jaar vrijheid. Hier mochten leerlingen zich met drie verschillende opdrachten bezighouden: het maken van een ‘vrijheidssok’, een opdracht waarbij ze zich moesten inleven in een fictieve persoon die 80 jaar geleden leefde en een heuse speurtocht door het huis van Jan Heesters. “We gaan jullie meenemen naar een tijd heel lang geleden. Daarom loopt hier ook Jan Heesters zelf rond, want die heeft een belangrijke rol gespeeld in de geschiedenis van Schijndel,” vertelt Liesbeth van het Jan Heestershuis aan de leerlingen van groep 7-8 van basisschool ’t Talent uit Schijndel.
“Wat ik hiervan ga onthouden? Alles! Dit was zó interessant!”
Bij kunstenares Bianca van der Linde mogen er ‘vrijheidssokken’ gemaakt worden. “Hebben jullie de vrijheidsrokken gezien?” vraagt Bianca. “Die sokken heb ik ontworpen naar aanleiding van de rokken die vrouwen maakten na de bevrijding. Omdat hier in Schijndel vroeger een sokkenfabriek stond, gaan jullie nu aan de slag met vrijheidssokken. We zijn allemaal anders en dat is fijn! Als ontwerper vind ik het ook leuk om allerlei verschillende elementen samen te voegen. Jullie mogen dat ook doen: je gaat nu zelf aan de slag om deze vrijheidssokken te versieren. Zorg maar dat ze allemaal anders worden hè!” Enthousiast gaan de leerlingen aan de slag om de mooiste creaties te maken van hun sokken. “Hé!” zegt een jongen op een gegeven moment tegen zijn medeleerling: “Even stil, ik probeer hier iets moois te maken!”
“Onder dat luik!”
Mooie gesprekken ontstaan ook tijdens de opdracht waarbij leerlingen zich in moeten leven in iemand die 80 jaar geleden leefde en op het moment dat ze op speurtocht mogen met Jan Heesters, gespeeld door een vrijwilliger. “Dit is een schilderij van een Engelse soldaat. Hij heeft in dít huis ondergedoken gezeten. Zullen we gaan zoeken waar hij zat?” De leerlingen zoeken overal: achter deurtjes, in de kelder en boven… “Jongens, hier! Onder dat luik! Oh nee, dat lukt niet hier. En hier dan?! Achter dit deurtje?” Jan Heesters: “Jaaa, jullie hebben het gevonden. Dit was het onderduikerskamertje, met een veldbed, zie je, en een gasmasker.” Als ze deze indrukwekkende ervaring even op zich in hebben laten werken, vraagt een jongen: “Maar zijn de Duitsers hier echt binnen geweest?” “Jazeker.” “En was u toen niet bang?” “Jawel, en mijn onderduikers ook! Maar ze hebben niks gevonden!” De spanning straalt van de jonge gezichten af. Tijdens de gezamenlijke afsluiting zegt Liesbeth: “Is er iets wat jullie speciaal onthouden van deze dag?” “Dat verhaal over die Engelse soldaat”, zegt een jongen. “Dat zijn schilderij hier hangt en dat dat óók nog eens echt gebeurd is, vond ik héél indrukwekkend.”
Nog even terug naar René Hildesheim, waar leerlingen ook zichtbaar onder de indruk zijn: “Ik vond het heftig dat heel veel mensen van zijn familie zijn doodgegaan,” zegt een meisje. En een ander meisje: “Ik vond het heel dapper dat hij dit durft te vertellen aan ons, want wij zijn zomaar vreemde mensen voor hem.” “Jaaa,” reageert hun juf. “Indrukwekkend he?” René: “Ik krijg de mooiste reacties op ‘Van Horen Zeggen’. Gisteren vroeg een leerling: wat doe je nu met je verdriet? Dat is toch prachtig?”